06.45u, De wekker loopt af. Het is D-day.

Al mijn materiaal stond al klaar in het busje en we hadden alles al klaar gelegd en konden we dus zo lang mogelijk genieten van ons bed.

’t Was amai vroeg hoor! Kleine oogjes en nog moe.

Een douche doet toch wonderen.

Iets na 6 zaten we al aan het ontbijt. Zoals elke dag weer even vriendelijk onthaald.

We werden weer verwend tot en met.

Eric is ook gekomen met mijn bruine suiker zodat ik mijn routine (broodjes met banaan en bruine suiker) hier ook kon naleven.

Half 7, tijd om te vertrekken. Op de kamer nog een fles met warm water gevuld voor in mijn wetsuit en de andere dingen die ik nog nodig had.

Busje in, en hup, daar gingen we.

Redelijk kortbij vonden we een parkeerplaats.

Al het materiaal in mekaar gestoken en nagekeken.

De mensen die me hielpen waren druk in de weer zodat alles piekfijn in orde zo zijn.

Ondertussen kwam een Franse AWAD atleet kennis maken, samen op de foto en een fijne babbel.

Toen alles in orde was, was het hoog tijd om naar de bike check in te gaan.

In een snel tempo gingen we er heen.

Het nr. 31 werd op m’n arm en been geschreven.

Nu konden we met onze hele verhuis naar de wisselzone gaan.

Ik zat tussen een vrouw van Canada en een man van de U.S.A

Wat een fijne sfeer tussen de AWADS, eerst was ik een en al zenuwen, maar andere atleten stelden me gerust. Iedereen babbelde met iedereen.

Er waren verschillede handicaps, van visueel minder validen tot mensen met protesen en rollers, en handicap aan de armen.

Er werden heel wat foto’s getrokken.

Door al dat gebabbel was het al snel tijd om mijn wetsuit aan te trekken.

Eric smeerde een dikke laag van dat vettig spul op mijn armen en benen zodat ik mijn pak goed zou schuiven bij de wissel, eveneens goed voor de spieren.

We rolden met mijn rolstoel naar de start waar Eric de fles warm water in mijn pak goot.

De atleten zaten allemaal op een rij aan de start.

Een paar min voor de start ging ik in het water om even te wennen. Met die fles warm water in m’n pak te gieten was er geen temperatuur schok.

We moesten met 1 hand het planton vasthouden. Eric bleef bij me zitten wat me een heel goed gevoel gaf.

Toen werd er door de micro “on your marks” geroepen en de hoornblaas ging.

Ik had naar ’t schijnt niet zo’n goede start en was bij de laatsten weg.

Er waren veel amputé’s bij die zich nog konden afduwen en met één been nog konden zwemmen.

In het begin kon ik me goed oriënteren omdat er links en rechts van me atleten zwommen, maar ik stak al gauw bijna iedereen voorbij.

Er waren een paar nog voor mij, maar die waren al te ver weg, op hen kon ik me ook niet meer focussen om me te oriënteren, dus trok ik mijn plan.

Het lukte me fantastisch goed, ik zwom van boei tot boei. Onder me zag ik vissen en duikers, echt fijn.

De laatste boei gepasseerd zwom ik recht op recht naar de finish.

Ik kwam als eerste vrouw uit het water en 5de van alle 45 deelnemers.

Filip en Eric visten me uit het water en heften me in m’n rolstoel.

We stormden naar mijn bike.

De wissel verliep super vlot. Zoef, zoef en ik zat in mijn bike met een koek in mijn mond. Daar ging ik dan voor mijn 40km.

Het parcours was lood, lood zwaar. De bergen die ik moest beklimmen waren niet van de poes. Hel, regelrechte hel!

Onderweg moedigden de atleten mekaar enorm aan.

Eén keer ben ik te hevig door de scherpe bocht gegaan waardoor ik even op 2 wielen reed een mijn hand over de grond schuurde. Ik kreeg daarop applaus omdat ze dat zo geweldig vonden.

Onderweg werd ik in alle talen aangemoedigd.

Mijn maximum snelheid was 58km/u.

Na mijn laatste ronde afzien moest ik de wisselzone inrijden. Het was een heel eind eer ik er was.

De wissel naar het wheelen verliep ook vlot.

Hier kon ik er weer een lap op geven.

Tegen 20km/u deed ik mijn 10km.

Langs de kant weer super veel aanmoedigingen.

Ik had met Ivo een deal. Ik zou voor het eten binnen zijn, en ’t is me gelukt! Iets na 12u haalde ik de finish.

Ik was de eerste in mijn categorie en ben dus wereld kampioen. Tranen van geluk rolden over mijn wangen, ik kan er nog altijd niet van over, waaaaaaaaaaaw!

Ben dan ook nog een derde vrouw van alle categorieën en 21ste van allemaal.

Met de hele verhuiswagen gingen we terug naar het busje waar ik me kon omkleden.

Erna zijn we terug naar het centrum gegaan om er frieten te gaan eten. Belgische frieten zijn toch stukken beter hoor!

Ik was dood moe, al mijn spieren deden pijn, ik kreeg mijn armen bijna niet meer omhoog.

Ik was serieus over mijn grens gegaan

Moe maar tevreden en nog steeds in de wolken keerden we terug naar het hotel.

De manager van het hotel was zo blij dat hij trakteerde.

Ik was zo moe en alles deed zo pijn maar ik was dolgelukkig.

Share →
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square Ad Square
Ad Square